“Hoe moeten we verstaan wat Jezus ons probeerde duidelijk te maken en hoe kunnen we zijn inspirerende ‘stem’ verder vorm geven?” Dit waren ongetwijfeld twee vragen waarmee de apostelen worstelden na drie jaar samenleven met Jezus. Geleidelijk aan groeide hun inzicht en op een dag zorgde een intense ervaring van vuur dat in hen brandde ervoor dat ze hun angsten overstegen, naar buiten kwamen en zich verstaanbaar konden maken in een taal die door iedereen begrepen werd, ongeacht afkomst, cultuur, belang… Een taal die niet de taal is van de materiële en rationele wereld, maar die ons van binnenuit kan bezielen en die een ‘tegenstem’ vertolkt in die wereld.
Het komt mooi uit om op Pinksteren (viering 24 mei) de cyclus rond het thema ‘Tegenstem’ aan te vatten en stil te staan bij de vraag of het christendom een fundamentele tegenstem biedt ten aanzien van de wereld en tijd waarin wij leven en na te denken hoe we dat concreet vorm kunnen geven.
In de tweede viering (31 mei) beluisteren wij een ‘tegenstem’ in de overheersende maatschappelijke kijk op mensen in detentie.
In de derde viering (7 juni) belichten we hoe belangrijk het is voor een maatschappij, een gemeenschap, … om ruimte te geven aan de tegenstem. Er worden ons tools aangereikt om de tegenstem niet te negeren of te ontkrachten maar om haar tot haar recht te laten komen door constructief om te gaan met verschillende perspectieven en met weerstand.